Posts Tagged ‘Brigitte Kaandorp’


05.07.2020

Brigitte Kaandorp – Het is gebeurd

Onlangs las ik twee boeken over zelfdoding en wat me opviel dat niemand het had zien aankomen. Het eerste boek was “De langste adem: een leven met Joost Zwagerman (autobiografische roman)” van Arielle Veerman. Zij is de ex-vrouw van schrijver Joost Zwagerman (1963-2015) en zij & hun kinderen hebben veel te lijden gehad onder de depressies van hun echtgenoot & vader. Het tweede boek was gevuld met herinneringen van goede vrienden & bekenden van dichter Wim Brands (1959-2016), die vooral bekend was als presentator van het VPRO-programma Boeken. Dat boek heet “Alles komt goed: Over Wim Brands”. “Alles komt goed”, zei hij vaak bij het afscheid nemen.

“Hoe kan het nou dat ik het niet heb gezien?”, is één van de zinnen uit het buitengewoon indrukwekkend lied Het is gebeurd van Brigitte Kaandorp, met muziek van Theo Nijland. Het nummer was genomineerd voor de Annie MG Schmidt prijs voor het beste theaterlied en wat mij betreft had het mogen winnen, maar dat is helaas niet gebeurd.

Ze schreef het nummer nadat een buurjongen uit het leven stapte, vlak voor de jaarlijkse buurtbarbecue in de straat waar Kaandorp woont. Daar komen alle kinderen die vroeger met elkaar buiten speelden weer even terug naar het ouderlijke nest om bij te kletsen. Maar deze keer ontbrak er eentje en dat weerspiegelde zich in Kaandorps angst om haar eigen kinderen te verliezen.

Het is gebeurd
Ik probeer achteraf een moment terug te halen.
Ik zie meestal alleen je zachtmoedige lach.
Die heb ik gekoesterd, ik heb je gedragen.
Ik heb je beschermd, en nu blijf ik maar vragen.
Hoe kan het nou komen dat ik het niet zag.

Ze hebben je jas en je fiets eerst gevonden.
Ik weet niet eens waar, het heeft ook geen zin.
Toen er gebeld werd was ik al naar boven.
Je hebt ons tot op het laatst doen geloven
dat alles oké was, en wij tuinden erin.

Het is over.
Over en gebeurd, het is voorbij.
En ik weet niet waar je bent, maar niet bij mij.
Het is voorbij.

De zomer dit jaar was zo eindeloos prachtig.
Het was altijd mooi weer hier, ook als het goot.
Toch, als je naast me de vaat stond te drogen,
kon je zo stil zijn, zo‘n beetje gebogen.
Soms legde je zomaar je hoofd in mijn schoot.

En in je bewegen was er iets eenzaams.
Iets zwaars in je lopen, in je motoriek.
En ook hoe je soms voor je uit zat te kijken.
Zo niet te bereiken, de blik in je ogen.
Achteraf denk ik: pure paniek.

Het is over.
Over en gebeurd, het is voorbij.
En ik weet niet waar je bent, maar niet bij mij
Het is voorbij.

Op die heerlijke avond, de lucht vol met bloesem.
Zei jij ik ben fietsen, ik ben zo weer terug.
Ik ging even om want de hond zat te wachten.
Je was onderweg steeds maar in m’n gedachten.
‘k Zag steeds dat kwetsbare beeld van je rug.

Het is over.
Over en gebeurd, het is voorbij.
En ik weet niet waar je bent.
Maar niet bij mij.

Ik probeer achteraf een moment terug te halen.
Begon het voor jou al veel eerder misschien?
Ik had je zo lief, ik heb je gedragen.
Ik heb je altijd beschermd,
en nu blijf ik maar vragen.
Hoe kan het nou.
Hoe kan het nou dat ik
het niet heb gezien.