Echt goeie muziek is tijdloos. Zo vond ik laatst deze prachtige a capella versie van Black Is The Colour(Of My True Love’s Hair) door de vocale groep The Hi-Lo’s. Zij waren de meest inno-vatieve en invloedrijke vocale groep van de jaren 50, die traditionele pop vermengden met jazz arrangementen en daardoor grote invloed hadden op de rock & roll generatie die na hen kwam.
De naam van de groep duidt op hun grote vocale bereik, maar ook op het lengte-verschil tussen de zangers Gene Puerling (bas/bariton en arrangeur), Don Shelton (tenor/bariton), Bob Morse (tenor/bariton) en Clark Burroughs (tenor en solist). De fantastische stem van Burroughs en de arrangementen van Puerling hebben grote invloed gehad op Brian Wilson van The Beach Boys, op The Mamas & the Papas en op puur vocale groepen als Manhattan Transfer en Take Six. Maar ook veel jazz artiesten waren fan, net als Frank Sinatra.
Black Is The Colour is een traditioneel volkslied dat ondermeer werd geco-vered door Joan Baez, Luka Bloom, Judy Collins, The Corrs, Cara Dillon, Pete Seeger, Nina Simone en Paul Weller. De versie die je hier ziet komt uit een tv-show van Julie London van eind jaren 50, begin jaren 60.
De intensiteit waarmee hier wordt gezongen over de geliefde die verloren dreigt te gaan is fenomenaal. Laat je verrassen!
Black Is The Colour Black is the colour of my true love’s hair. Her lips are something rosy fair. The loveliest face and the daisiest hands. I love the ground whereon she stands.
I love my love and well she knows. I love the ground whereon she goes. If she concurs no more I’ll see. My life will quickly leave me.
I’ll go down the troublesome, to mourn, to weep. But satisfied I ne’re can sleep. I’ll write her a note, in a few little lines. I’ll suffer death ten thousand times.
Black, black, black is the colour. Black is the colour of my true love’s hair. Her lips are something rosy fair. The loveliest face and the daisiest hands. I love the ground whereon she stands. Black, black. Black is the colour of her hair.
Als een zeer geliefde vriendin plotsklaps een zware ziekte krijgt, dan komt het geloof ineens in beeld, ook bij mij. Er worden kaarsjes gebrand, er wordt gebeden en gezongen. Wonderlijk is dat. Blijkbaar bieden rituelen steun en houvast en geven ze hoop die nodig is om heelhuids door zo’n vreselijke periode van strijd en overleving te komen. Alle beetjes helpen, dus zing met me mee.
Amos Lee zingt zijn lied in de Transatlantic Sessions van 2011 met onder andere Sarah Jarosz (banjo), Jerry Douglas (slide gitaar), Aly Bain (viool), Declan O’Rourke (gitaar) en Sam Bush (gitaar).
Dit is alweer het 50e artikel van de Songcatcher en het is deze keer opgedragen aan Juliet.
Jesus Oh Jesus can you help me now. Oh Jesus can you help me now. Oh Jesus can you help me now. No, I never felt so alone.
I remember when I was wild and free. Oh, so wild and free. Oh, so wild and free, but my heart was a skipping stone.
But now the world has jaded me. Oh corrupted and defeated me. You know I never thought you hated me, but I’ve never felt so alone.
Oh, Jesus will you help me now. Oh, Jesus will you help me now. Oh Jesus will you help me now. No, I never felt so alone. So alone.
Laatst was ik enorm blij een oude liefde terug te vinden. Het was het lied Disney Girls van de The Beach Boys, dat ik vroeger veel heb gezongen. En dan vind ik zomaar een live-uitvoering door de songwriter Bruce Johnstone zelf, in een zeer intense uitvoering met alleen een piano en een stem. Het mooie is dat het niet volmaakt is, maar wel heel erg eigen. Net alsof hij in je huiskamer speciaal voor jou zingt en piano speelt en de woorden en accoorden ter plekke verzint. Als je dat voor ogen houdt, is het werkelijk prachtig!
Bruce Johnstone kwam in 1965 bij de The Beach Boys als vervanger van Glenn Campbell, die Brian Wilson bij optredens verving. Na een pauze van 1972 tot 1978 (waarin dit optreden valt), speelt hij nog steeds in de band. Disney Girls staat op het Beach Boys album Surf’s Up uit 1971 en op zijn eigen album Going Public uit 1977. Dit live optreden is uit het BBC-programma Old Grey Whistle Test van 1975.
Disney Girls Clearing skies and drying eyes, now I see your smile. Oh my sadness goes, and your softness shows me, a changing style. Just in time, words that rhyme, bless your soul. Now I’ll fill your hands, with my kisses and a Tootsie Roll. Oh reality, you know it’s not for me, and it makes me laugh. Oh fantasy world and those Disney girls, yes I’m coming back.
Patti Page and those summer days, out on old Cape Cod. All those happy times, making home-made wine, down in my garage. I remember country shade and sipping lemonade, I guess I’m slowing down. You know it will be a turned back world, with a local girl, in a little smaller town. All those open cars and those clearer stars, oh that soft laugh of yours. But fantasy world and those Disney girls, yes I’m coming back.
Love. Hi Rick and Dave. Hi Pop. Well good morning mom. Love. Get up, guess what, did you know that I’m in love with a girl that I found. She’s really swell, cause she likes church, bingo chances, and all those old time dances.
All my life, did you know that I spent the night, with my dreams of you. And the warmth I missed, and for all those things that I wished for, now they’re all coming true. I’ve got some love to give, and a little place to live. Guess I’m gonna stay. It’d be a perfect life, with my forever wife, and a little kid someday. Oh we’d all have some early nights, and some pillow fights, and your soft laugh. Fantasy world and my Disney girls, yes I’m coming back.
Beatlesof Stones? Beatles natuurlijk. Mijn oudste broer was van The Rolling Stones, maar de drie die daarna kwamen van The Beatles. Dus kreeg ik die als jongste met de paplepel ingegoten, en dat smaakte uitstekend. Wat mij betreft de beste band ooit. Op elk nieuw album kwamen ze weer met prachtige en afwisselende songs die verrasten. En ik was gek op de samen-zang, waardoor ik al vroeg leerde om de tweede stem te zingen. Alle melodieën en teksten zitten nog steeds ergens opge-slagen in mijn hoofd. Als ze er uitkomen ben ik altijd weer verbaasd over wat ik zing, want toen ik ze leerde, kende ik nog geen Engels.
Dezelfde Beatles paplepel als ik kreeg de Deense zanger Tim Christensen. En ook hem beviel het zo goed, dat het terug te horen is in zijn muziek, waarin je zowel de McCartney-kant als de Lennon-kant terugvindt. (*1) Als driejarige jongen was hij al gek op de Beatle-albums van zijn vader. Toen hij zes was en John Lennon net was vermoord, waren er veel documentaires over The Beatles op tv, en was hij zo onder de indruk van de manier waarop ze muziek maakten, dat hij zelf op de acoustische gitaar van zijn vader begon te spelen. Zijn ouders waren niet erg rijk en waren nog nooit op vakantie geweest, maar toen er ineens wat geld beschikbaar was, stelde zijn vader hem voor de keuze, naar Liverpool of naar de Abbey Road Studio’s in London? Christensen, toen acht jaar oud, koos het laatste. Het moet dan ook een bijzon-dere ervaring zijn geweest toen hij daar in 2004 terugkeerde voor de opnames van een aantal eigen nummers. Hier zie en hoor je één daarvan: een simpel, klein lied, zoals ook The Beatles die maakten. Met een mooie tekst, een gitaar en een prachtige stem.
NOTEN
* 1 Van 1988 tot 1998 speelde Christensen in de band Dizzy Miss Lizzy, die eerst glamrock speelde, maar al gauw switchte naar powerrock in de stijl van Nirvana.
How Far You Go Something sweet, every time we meet, there’s no doubt about it. But I wish I know, what I’m supposed to do with you Sirene.
‘Cause you pretend, to be more than a friend, and this is the sweetest feeling. But I don’t understand, if it’s part of your plan, to be lying, to me Sirene.
But tonight I fall for the stars in your eyes. I apologize but I want you to know. That my heart is broken, my high is low. That’s how far you go.
I can see what you’re doing to me, but I don’t know the answer. And I just couldn’t take, if I made the mistake of not trying.
But easy come and easy go, I don’t want to cry about it. Now that I’ve got it clear, that you only appear to be lying, to me Sirene.
Still tonight I fall for the stars in your eyes. I apologize but I want you to know. That my heart is broken, my high is low. That’s how far you go.
Oh…. I apologize but I want you to know. That my heart is broken, my high is low. That’s how far you go.
Bij de tragische dood van Whitney Houston moest ik vooral denken aan haar tante Dionne Warwick. Voor mij is zij de zangeres van de jaren 60. De manier waarop zij de prachtige, maar vocaal lastige, liederen van Burt Bacharach & Hal David zong, is onovertroffen. Ik ben een tijd hard op zoek geweest naar mooie covers van Burt Bacharach songs, maar uiteindelijk kwam ik toch steeds weer bij haar uit, en dat zegt genoeg.
Marie Dionne Warrick (1940) komt uit een zeer muzikale familie. Haar moeder, ooms en tantes zongen in The Drinkard Singers, een succes-volle gospelgroep, waarvan haar moeder ook nog manager was. In 1958 begon Dionne, met haar zus Delia en nog twee zangeressen, de groep The Gospelaires en binnen een paar jaar waren ze veel gevraagd en speelden ze met bekende artiesten als Solomon Burke en Ben E. King. Bij de plaatopname van Mexican Divorce door The Drifters in 1962 (*1), raakte de componist van het lied zo onder de indruk van haar stem en persoonlijk-heid, dat hij haar vroeg voor demo-opnames van zijn nieuwe composities. Eén van die demo’s kwam terecht bij de president van Sceptre Records en die zei tegen de componist: “Forget the song, get the girl!” En dat was de start van een indrukwekkende reeks platen en hits van Dionne Warwick en Burt Bacharach.
Haar eerste solo-single was Don’t Make Me Over in November 1962 en het werd een grote hit. Het lied was geschreven naar aanleiding van een boze kreet van haar, “Don’t make me over man!” (wat slang is voor “lieg niet tegen me!”) die ze uitsloeg toen ze hoorde dat Make It Easy On Yourself, het nummer dat zij als eerste had gezongen, was weggegeven aan een andere artiest. Hit na hit volgde: Anyone Who Had A Heart, Walk On By, Do You Know The Way To San Jose, Alfie, Just Don’t Know What To Do With Myself, I Say A Little Prayer, I’ll Never Fall In Love Again. (*2) Onvoorstel-baar eigenlijk, allemaal prachtige nummers. Vreemd genoeg kozen de Engelsen ervoor om haar nummers te laten zingen door eigen zangeressen (Dusty Springfield, Cilla Black, Sandie Shaw). Dionne was er door beledigd en vond dat ze haar alleen maar na-aapten. De schok was groot toen Bacharach & David in 1972 uit elkaar gingen en ze verder moest zonder haar geweldige producers en songwriters. Pas begin jaren 80 boekte ze weer enig succes, maar nooit meer zoals in haar bloeitijd.
Hier hoor en zie je haar tijdens een concert in Parijs in 1966 (*3). Ze was daar eerder in 1962, toen ze werd geïntro-duceerd in Olympia door Marlene Dietrich en het publiek verrukt was door haar fantastische stem, waardoor ze al snel bekendstond als “de zwarte parel van Parijs”.
NOTEN
*1 Hier hoor je Mexican Divorce van The Drifters met Dionne Warwick in de achtergrond. Mooi is ook de versie van Ry Cooder uit 1974.
*2 Hier een heel bijzondere opname (van slechte kwaliteit) van Dionne Warwick & Burt Bacharach die ergens in de jaren 60 samen optreden met een medley van What The World Needs Now en Alfie.
*3 Meer van het concert in Parijs in 1966 vind je hier. Ze zingt Unchained Melody, Don’t Make Me Over en tenslotte You’ll Never Get To Heaven (If You Break My Heart).
(You’ll Never Get To Heaven) If You Break My Heart Come on and. Mother told me always to follow the golden rule. And she said it’s really a sin to be mean and cruel. So remember if you’re untrue, that angels up in heaven are looking at you.
You’ll never get to heaven if you break my heart. So be very careful not to make us part. You won’t get to heaven if you break my heart. Oh no.
I’ve been hearing rumours about how you play around. Though I don’t believe what I hear, still it get’s me down. Now if you ever should say goodbye, it would be so awful the angels would cry.
You’ll never get to heaven if you break my heart. So be very careful not to make us part. You won’t get to heaven if you break my heart. Oh no.
If you break my heart. If you break my heart.
I can hardly wait for the day when we say I do. It’s a day I dreamed of so long now it’s comin’ true. You will promise to cherish me. Now if you break your promise the angels will see.
Yes you’ll never get to heaven if you break my heart. So be very careful not to make us part. You won’t get to heaven if you break my heart. Oh no.
Je hebt van die straten die een muzi-kale geschiedenis hebben. Slechts weinigen weten dat van de Gijsbrecht van Walenborchstraat in Utrecht. De straat waar ik geboren ben en mijn jeugd heb doorgebracht. Het is de straat waar Herman van Veen en Ramses Shaffy langskwamen, omdat mijn broer David hun manager was en Elly Nieman op bezoek kwam bij mijn broer Jan, die aan cabaret deed. Maar ook van Rob Douw, die van 1967 tot 1969 inde Haagse band Supersister speelde, en van Frans Klaver van de Utrechtse groep Moes Moes en de Appels. Maar de bekendste muzikant die er opgroeide is Erik de Jong, oftewel Spinvis.
De familie de Jong was een gastvrij gezin. Ik kwam er graag over de vloer en de dochter des huizes heeft me nog leren schaatsen. Erik was net als ik goed bevriend met een andere Erik, en wij speelden vaak met zijn drieën op straat na schooltijd. Later deden beide Erik’s aan muziek en zongen ze op een intense manier in luidruchtige bands.
Heel bijzonder is het om, ook al is het van grote afstand, dat jongetje van toen te horen en zien ontwikkelen tot een succes-vol muzikant. Ik vind het van moed getuigen dat Erik zo zijn eigen weg is gegaan. Van pielen met casettebandjes en compu-ters op zolder en van een muzi-kant die zeker geen optredende act zou worden, tot een artiest die op eigenzinnige wijze toch een band samenstelde, met ondermeer oude rotten als zijn vader Walter de Jong (basgitaar) en Han Reiziger (piano). Dat proces is schitterend vastgelegd op de dvd die bij het album Nieuwegein aan zee (2003) zit. En daarna is het succes alleen maar groter geworden, terwijl Erik gelukkig gewoon zichzelf blijft en zijn eigen koers vaart bij het maken van prachtige muzikale en tekstuele collages en sfeertekeningen. Kijk en luister maar naar Begin Oktober, dat werd gespeeld in de 2 Meter Sessies van November 2011.
Begin Oktober God wat een dag. God wat een dag, het verkeer heel de tijd, als je wist het gezeur. Hoe dan ook, ‘t is weer gebeurd.
Iemand heeft hier. Iemand heeft hier net zo’n auto als jij, zelfde kleur stationcar. Zo’n moment, zo bizar.
Ik hoor de wind hier vanuit mijn bed. Uit het keukenraam zie je de zee nog net. Het stormde vandaag, maar jij houdt van de herfst toch? Dat heb je een keer toen gezegd.
Heel langzaam raak ik alles hier kwijt. Een film die zo bijzonder zou zijn. Het zei me helemaal niets, ik weet niet eens hoe die heet. Vond jij ook! Absoluut! Als je erbij was geweest.
Zoals je weet. Zoals je weet praat ik soms in mijn slaap. Niemand meer die het hoort. Ik blijf in vorm. Ik eet gezond.
Er is zoveel te doen. Ik heb zoveel te doen en toch zoveel beloofd. Prik een dag, schrijf het op, ga akkoord, lees een boek. Onthoud geen woord.
Een feestje is leuk voor een keer. Ik ken de regels ook wel, maar ik speel het spel niet meer. Ik verander misschien, mijn cynisme verdween. Ik word stil, ik word milder en ik ben liever alleen.
In de bomen ‘s nachts hoor je de tijd. Ik drink niet meer. ‘t is geen medicijn voor mij. Maar donderdagnacht ging het wel even mis. Het werd alweer licht in de straat, En ik dronk en ik dronk heel de tijd. Je had er bij moeten zijn. Je had er bij moeten zijn.
De Engelse stad Canterbury is niet alleen bekend van de kathedraal en de verhalen van Chaucer (The Canterbury Tales), maar ook als een centrum van de progressieve rockmuziek in de jaren 60 en 70 met bekende namen als Soft Machine, Camel en Mike Oldfield. Voor mij is de Canterbury Sound vooral de groep Caravan. Gestimuleerd door mijn broer Roeland ontwikkelde ik me in de jaren 70 tot een muzikale veelvraat. Eén van zijn ontdekkingen was het album If I Could Do It All Over Again I’d Do It All Over You (1970) en daar raakte ik al snel aan verslaafd. Wat een meeslepende muziek! Lekker ritmisch, goede zang en fascinerende improvisaties op orgel, die me stimuleerden om ook zelf te gaan soleren, maar dan op de piano.
De oorsprong van Caravan lag in de band Wilde Flowers (1964-1967). Na het vertrek van Robert Wyatt en Kevin Ayers in 1966, die Soft Machine oprichten, ontstond in 1968 Caravan met Pye Hastings (gitaar/zang), Richard Sinclair (gitaar/bas/zang), zijn neef Dave Sinclair (toetsen) en Richard Coughlan (drums). Hun muziek is een bijzondere combinatie van folk, jazz, psy-chedelica en rock. Geïnspireerd door Tolkien-achtige fantasy en met een pastorale, melodieuze sfeer: dus wat mij betreft pasto-rale rock.
Het lied Winter Wine komt van het album In The Land Of Grey And Pink (1971) en werd gespeeld in het Duitse tv-programma Beatclub (Juni 1971). Het heeft een heerlijke tekst over dromen.
Winter Wine Winter wine, are you always flowing, blowing in my mind? Like a stream, this magic waters move me to a dream.
Of travelling with you, drifting carefree, dropping downward through fresh grasses, bubbles merrily as it passes, never knowing where you’re going. Carry me with you, carry me with you.
Be conjured up in a midnight dream, ancient castles dark. As wandering minstrels play, tunes of yesterday. When dragons roamed the land. Knights in armour cold, charged on horseback bold. The maids were saved, the dragons slain.
Sail scene, sea green, sailing forward to a new land. Treasure waits, paradise gates, for the taking, don’t start waking. All you need, but take heed, remember it pays to pay the sandman well. Make no fuss, for you must, in stardust. He puts all the colours in your dreams.
Bells chime, three times. Naked dancers enter slowly. Smoky room, scented gloom. Audience eating, fat men drinking. Candles burn, a dull red light illuminates the breasts of four young girls. Dancing, prancing, provoking. Dreams are always ending far too soon.
Life’s too short to be sad. Wishing things you’ll never have. You’re better off, not dreaming of the things to come. Dreams are always ending far too soon.
Sounds of a distant melody. Once played, lost from memory. It’s funny how it’s clearer now, you’re close to me. We’ll be together all the time.
Drie snaarvirtuozen: Tim O’Brien op mandoline, Jerry Douglas op dobro en John Doyle op gitaar (*1) Drie veel-gevraagde sessiemuzikanten op het gebied van folk, country en bluegrass met een spetterende uitvoering van Hey Joe, tijdens Celtic Connections in Glas-gow 2009. Probeer dan maar eens stil te blijven zitten!
Tim O’Brien is een country en bluegrass zanger en muzikant, die allerlei snaarinstrumenten beheerst. Hij heeft twee prachtige albums gemaakt over zijn Ierse roots, The Crossing (1999) en Two Journeys (2001).
Jerry Douglas is een dobro virtuoos die onder andere bij Alison Krauss speelt in haar begeleidingsband Union Station. Hij heeft op meer dan 1600 albums gespeeld, meerdere albums geproduceerd en hij is musical director van de Transatlantic Sessions. (*2)
John Doyle was een aantal jaren gitarist van de succesvolle Ierse groep Solas en heeft daarna allerlei artiesten begeleid zoals de Britse Kate Rusby en de Ierse zangeressen Karan Casey, Cathie Ryan en Heidi Talbot.
Het lied Hey Joe werd geschreven door Billy Roberts en is vele malen gecovered ondermeer door The Byrds, Cher, Mathilde Santing (*3), Wilson Pickett en Frank Zappa. Maar iedereen herinnert zich natuurlijk vooral de cover van Jimi Hendrix uit 1966.
NOTEN
*1 De bas wordt bespeeld door Todd Parks.
*2 Meer over de Transatlantic Sessions vind je hier.
*3 Bij Mathilde Santing is het de vrouw die haar man doodschiet in plaats van andersom.
Hey Joe Deze keer geen tekst. Die wijkt namelijk nogal af van bekendere versies en er is zoveel dat ik niet goed versta dat het weinig zin heeft om die hier neer te zetten. Dus geniet maar lekker van de muziek, die spreekt voor zich!
Soms is de muziek allesbepalend voor de sfeer van een film, en dat geldt zeker voor One From The Heartvan Francis Ford Coppola uit 1982. De prachtige muziek van Tom Waits is totaal geïntegreerd in het ontroerende verhaal van twee wanhopige mensen die elkaar vinden maar ook weer kwijt raken.
Je krijgt hier de gelegenheid om een kijkje in de keuken te nemen bij het maken van de filmmuziek, met Tom Waits zelf als verteller. Je ziet beelden van de repetities en inten-sieve gesprekken tussen de regisseur, componist en zangeres. (*1)
Veel van de muziek is instrumentaal, maar er zijn ook een paar prachtige liederen bij, zoals Broken Bicycles en I Beg Your Pardon, die gezongen worden door Tom Waits en Crystal Gayle. Het lied Take Me Home wordt in de film door haar gezongen, maar hier zie je hem zelf in een opname voor de Franse televisie.
In de Braziliaanse muziek kom je regelmatig allerlei dwarsver-banden tegen van relaties, huwelijken en de kinderen die er uit voorkomen en die vaak in de voetsporen van hun ouders treden. Muzikale genen, opge-voed worden in een muzikale omgeving en een veelvoud aan muzikale contacten en mogelijk-heden om hen heen, zullen daar-bij ongetwijfeld een rol spelen. (*1)
Cesar Camargo Mariano (1943) is pianist, arrangeur en componist, die met alle grote namen uit het land heeft gewerkt. Zijn vader was muziekdocent en hij speelde al vanaf zijn 14e jazzconcerten. Muziek zit in zijn genen en die geeft hij ook door aan zijn kinderen. De bekendste twee zijn Pedro Mariano (1975) en Maria Rita (1977) (*2), uit zijn huwelijk met de beroemde zangeres Elis Regina (1945-1982). (*3)
In 2003 maakten vader en zoon het prachtige album Piano & Voz. Het lied dat ik heb uitgekozen is Caminhos Cruzados, geschreven door Antonio Carlos Jobim (1927-1994) (*4) en Dolores Duran (1930-1959).
Het lied van de dochter is Veja Bem van het album Maria Rita uit 2004. Het werd geschreven door Marcelo Camelo (1978) componist, zanger, gitarist en dichter, die speelde bij Los Hermanos.
NOTEN *1 Zo is de bekende zangeres Bebel Gilberto (1966) de dochter van zangeres Miucha(1937) en gitarist/zanger Joao Gilberto(1931). Joao Gilberto is de vader van de bossa nova en werd in 1955 door zijn eigen vader in een psychiatrische inrichting geplaatst, omdat die van streek was geraakt door zijn zoon’s weigering om “normaal” werk te doen en vanwege zijn bizarre manier van zingen. Joao staarde uit het raam en zei “Kijk naar de wind die de bomen onthaard.” En de psychiater antwoordde: “Maar bomen hebben geen haren!” Waarop Joao repliceerde “En er zijn ook mensen die geen poezie hebben.” Een week later was hij weer vrij man en werkte hij verder met Antonio Carlos Jobim aan zijn nieuwe muziekstijl, die hij in 1957 aan de wereld introduceer-de. Miucha (eigenlijk Heloisa Maria Buarque de Hollanda) op haar beurt is de zus van de bekende zanger en componist Chico Buarque (1944) en had nog twee zussen die ook zongen.
*2 Haar artiestennaam Rita komt van Rita Lee (1947), een familievriendin, rock zangeres, componiste en oprichter van de band Os Mutantes. Zij maakte in 2002 een interessant Beatles cover album Bossa’n Beatles.
*3 Cesar’s eerste huwelijk was met zangeres Marisa Gata Mansa (1933-2003), die eerst vooral actief was als jazz-zangeres en crooner maar via collega zangeres en com-poniste Dolores Duran en een liefdesrelatie met Joao Gilberto in de bossa nova belandde. De zoon van Cesar en Marisa, Marcelo Mariano (1967), is nu een bekende basgitarist, die ondermeer speelt met DianneReeves en Deodato. Uit het huidige huwelijk van Cesar is er dan tenslotte nog dochter Luisa Camargo Mariano (1986), die ook weer zingt.
*4 Ook Jobim heeft weer muzikale kinderen die in zijn voetsporen treden. Het zijn Paulo (1950), die ook architect is, en diens zoon Daniel (1973). Hier zie je ze samen optreden.
Caminhos Cruzados Quando um coração, que está cansado de sofrer. Encontra um coração, também cansado de sofrer. É tempo de se pensar. Que o amor, pode de repente chegar.
Quando existe alguém, que tem saudade de alguém. E este outro alguém não entender. Deixa este novo amor chegar. Mesmo que depois. Seja imprescindível chorar.
Que tolo fui eu, que em vão tentei raciocinar. Nas coisas do amor, que ninguém pode explicar. Vem nós dois vamos tentar. Só um novo amor, pode a saudade apagar.
Veja Bem Veja bem, meu bem. Sinto te informar. Que arranjei alguém. Prá me confortar. Este alguém está, quando você sai. Eu só posso crer, pois sem ter você, nestes braços tais.
Veja bem, amor. Onde está você? Somos no papel. Mas não no viver. Viajar sem mim, me deixar assim. Tive que arranjar, alguém prá passar, os dias ruins.
Enquanto isso, navegando eu vou sem paz. Sem ter um porto, quase morto, sem um cais. E eu nunca vou, te esquecer, amor. Mas a solidão, deixa o coração, neste leva-e-trás.
Veja bem além. Destes fatos vis. Saiba: traições. São bem mais sutis. Se eu te troquei, não foi por maldade. Amor, veja bem, arranjei alguém, chamado saudade Amor, veja bem, arranjei alguém, chamado saudade.